- M.L.J. Out - Burgemeester
- Tirza van Brakel-Engberts - SP
- J. Broekema - SP
Vraagrecht raadsleden en inwoners
En brengt ze bij agendapunt 6 het vragenrecht voor raadsleden en inwoners en daarvoor heeft zich gemeld: Lijst van Brakel met een vraag over Jeugdbescherming Noord. Het woord aan mevrouw Van Brakel.
Dank u, voorzitter. Afgelopen september heb ik technische vragen gesteld naar aanleiding van zorgelijke signalen die ik ontving van inwoners die onder toezicht staan van Jeugdbescherming Noord. In november werden deze vragen door Jeugdbescherming Noord beantwoord. In de beantwoording werden de bevindingen voor onze inwoners tegengesproken en het beeld geschetst dat de maatregelen volgens de Jeugdwet werden uitgevoerd. Mijn suggesties om vanuit het voorliggend veld casussen op te pakken of Leger des Heils gezinnen te laten begeleiden, werden in de beantwoording van de vragen ook niet nodig geacht. Een maand later bleek de beantwoording helaas niet te stroken met de realiteit, zoals het Keurmerkinstituut de certificering voor Jeugdbescherming Noord introk. In de reactie van Jeugdbescherming Noord op het intrekken van het keurmerk bemerk ik weinig zelfreflectie. De verantwoordelijkheid wordt grotendeels bij de gezinnen gelegd met het stokpaardje, complexe problematiek en vele vechtscheidingen. Interne problemen worden afgezwakt op het gebrek aan personeel. In de informatie die we vorige week als raad hebben ontvangen, mis ik het perspectief van de betrokken gezinnen op de begeleiding vanuit deze organisatie. Er wordt gefocust op het verbeteren van de interne processen. Maar we werden inderdaad niet geïnformeerd hoe dat dan plaats gaat vinden en waarnaast personeelsgebrek de knelpunten zitten. Het is positief dat er aan de hand van een onderzoek verbeteringen worden doorgevoerd, maar op dit moment zijn er wel 46 kinderen in Assen die onder toezicht van Jeugdbescherming Noord staan en niet de kwaliteit van zorg krijgen waar ze volgens de Jeugdwet recht op hebben en waarbij wij als gemeente verplicht zijn om dat te faciliteren. Het Keurmerkinstituut stelt bij controle van de organisatie audits op. Hierop geven ze aan waar de tekortkomingen zitten en op welke punten de zorg van Jeugdbescherming niet voldoet en ter informatie. Dat gaat alleen om de continuïteit en niet om de kwaliteit. Bij navraag bij het Keurmerkinstituut werd aangegeven dat het Jeugdbescherming Noord vrijstaat om deze audits openbaar te maken en deze informatie valt ook onder de Wet openbaarheid van bestuur. Aangezien wij als gemeente verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit van zorg, heb ik de volgende vragen aan het college. Bent u in het bezit van de audits van het Keurmerkinstituut en kunt u deze week de audits over Jeugdbescherming Noord uit 2023 en 2024 met ons als raad delen? Is het college bereid om naast de continuïteit ook te gaan controleren op de kwaliteit van de zorg van Jeugdbescherming Noord? Is het college bereid om ook kritisch naar eigen functioneren te kijken en de voornemens uit het bestuursakkoord, de internationale rechten van het kind leidend maken in beleid in het gehele sociale domein ten uitvoer te brengen? En wanneer gaan we dit als raad zien? Is het college tevens bereid om intern te onderzoeken welke gezinnen in onze gemeente lijden en hebben geleden onder het effect van kwalitatief ontoereikende zorg, zowel door de gemeente als de organisaties die in opdracht van de gemeente handelen? Kunnen we van het college een alternatief verwachten voor het geval Jeugdbescherming Noord niet voldoende verbeteringen doorvoert en het keurmerk definitief verliest? En wanneer kunnen we dat verwachten? En ik weet dat het heel veel vragen zijn. Daarom de laatste: is de gemeente bereid om, als blijkt dat de Jeugdwet niet goed is nageleefd, recht te doen aan de gezinnen die door deze ontoereikende zorg en onwettig handelen hebben geleden? Mocht dat het geval zijn, denk ik hierbij aan erkenning en excuus en eventueel financiële compensatie. Tot zover.
Dank u wel, mevrouw Van Brakel-Engbers, voor uw vragen. Als u plaatsneemt, dan nodig ik de wethouder uit voor de beantwoording namens het college. Dank u.
Voorzitter, dank voor de vragen van raadslid Van Brakel. De urgentie om problemen in de jeugdzorg op te lossen is groot in het hele land en dat zie ik ook gewoon echt elke dag. En ik hoor en zie ook hoe het voor kinderen en ouders is en mijn wens is om dit, en ja, zijn mijn woorden letterlijk en figuurlijk, verknipte systeem aan te passen. Dat is groot en ik weet dat dat ook voor uw raad geldt en voor een aantal raadsleden in het bijzonder, want het gaat niet goed met de jeugdzorg in Nederland en dat laten ook alle onderzoeken en rapporten keer op keer zien. Ik denk dat we in Assen er veel aan doen om, waar dat in onze macht ligt, dat te verbeteren, bijvoorbeeld ons eigen team jeugd. Door de afgelopen jaren te investeren in mensen, wachtlijsten weg te werken, extra deskundigheid aan te trekken, allerlei processen te verbeteren door te werken met mensen, te scholen in leidende principes, zodat we echt meer naast mensen gaan staan en samen veel meer met inwoners gaan optrekken en ook allerlei concrete stappen hebben we de afgelopen jaren gezet. Onderwijs en zorg koppelen, gesloten jeugdzorg afbouwen, uithuisplaatsingen verminderen, ondertoezichtstellingen voorkomen om preventief te werken en dat is merkbaar en dat zorgt op heel veel plekken voor een verbetering die ook ouders en kinderen merken. Maar goed, we hebben de taak en de verantwoordelijkheid om de jeugdzorg goed en zorgvuldig uit te voeren. En dat lukt ook om heel veel verschillende redenen niet. En daar bent u ook vorige week over bijgepraat en daar hebben we ook al brieven over gestuurd. Nou, vandaag nog liet een onafhankelijke deskundige commissie onder leiding van Van Ark weten met een zwaarwegend advies te komen. Die hebben dat zwaarwegende advies uitgebracht over de hervormingsagenda Jeugd en daar ook eigenlijk opnieuw aangegeven dat het echt anders moet. Nou, dat leidt er allemaal toe dat we een enorm complex systeem hebben, maar dat we in Assen wel kijken waar we dat kunnen verbeteren en die verantwoordelijkheid nadrukkelijk oppakken. Ik zal even ingaan op uw specifieke vragen. De vraag over de audits van het Keurmerkinstituut die JB Noord heeft en om die ook het verzoek is om die met u als raad te delen. Het Keurmerkinstituut heeft de wettelijke taak om die audits uit te voeren en die deelt dat met de betrokken instantie. In dit geval is dat JB Noord en toen zijn JB Noord om die audits dan ook zelf te openbaren. Maar wij kunnen ons als college heel goed voorstellen, gelet op de situatie bij JB Noord, maar ook in het belang van een goede jeugdbescherming, dat u die audits ook gewoon graag zelf inziet. Dus ja, ik hecht er waarde aan te zeggen dat het interne stukken zijn, JB Noord gaat erover, maar als college zullen we JB Noord verzoeken om die stukken met ons te delen, zodat wij dat met u kunnen delen. En ik denk dat we heel prima in overleg met de griffie een vorm kunnen vinden waarin dat kan. We hebben vandaag ook de technische vragen van de VVD-fractie daarover beantwoord en er zit ook een aantal van die elementen in. Dus dat kunnen we volgens mij op die manier doen. U vroeg ook of wij wel zelf willen gaan controleren op de kwaliteit van de geleverde zorg. Nou, ik denk dat wij er niet alleen in Assen, maar de Drentse en Groningse gemeenten, ook ons college, echt de verantwoordelijkheid nemen om nu samen met JB Noord te koersen op verbetering. Daar bent u ook vorige week over geïnformeerd, hebben we ook per brief over gestuurd. Maar als het gaat om de jeugdbeschermingsketen, hebben verschillende partijen verschillende rollen en ook gewoon wettelijke verantwoordelijkheden. En ik denk dat het goed is om dat ook even voor ogen te houden. Het Keurmerkinstituut toetst gecertificeerde instellingen en de Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd is echt de wettelijk toezichthouder en wij kunnen en mogen dat werk van de inspectie niet overnemen. Maar goed, nogmaals, afgelopen periode hebben wij zelf ook geconstateerd dat het niet goed gaat en daarom ook gewoon nadrukkelijk in contact met JB Noord. Daar is onder andere uitgekomen dat er nu een onderzoek plaatsvindt. Daar bent u ook vorige week over bijgepraat. De stuurgroep, dat is ook onze directeur sociaal domein, is daar deel van. Die zijn daar op dit moment mee aan de slag. Wij voeren op dit moment ook met andere gemeenten op zowel bestuurlijk als operationeel niveau gesprekken om te komen tot verbeteringen. Nou, daar zitten we dus echt bovenop en ik heb vorige week ook toegezegd in de raadsbijeenkomst dat we u uiterlijk voor de zomer opnieuw informeren over de vorderingen of op het moment dat dat eerder gereed is of dat er situaties veranderen. En ook in de reactie op de vraag van de VVD zeg ik ook toe dat we dat onderzoek van de AEF met u delen als het is afgerond, net zo goed als de opdrachtverstrekking waarmee ze aan de slag zijn gegaan. Die kunnen we ook zo spoedig mogelijk met u delen. Ja, dan is de vraag of wij als college bereid zijn om kritisch naar ons eigen functioneren te kijken en de internationale rechten van het kind leidend te maken in het beleid. Ja, ik denk dat we ook in de laatste raadsbrief daarover als college ook echt onze zorgen hebben uitgesproken over de situatie bij JB Noord en wat mij betreft op geen enkele wijze de zorgen die daar zijn, de problemen die er zijn, hebben gebagatelliseerd en ik denk dat u hier echt een wethouder ziet die zich elke dag inspant voor een goede jeugdzorg en ook daarbij behorende jeugdbescherming. We zijn als college echt bereid om ook naar ons eigen functioneren te kijken. Daar kunt u van ons op rekenen, maar het is een enorm complex systeem. Dat kunnen we in Assen niet alleen veranderen. Maar dat leg ik me niet bij neer, want de wil is er om dat te doen. Daar gebruiken we ook de G40 voor, daar gebruiken we de VNG voor, voor structurele verbeteringen. Daar werken we aan de beweging naar nul uithuisplaatsingen, dat doen we ook lokaal wat we kunnen. En als het gaat over de rechten van het kind, hebben we denk ik ook daar de afgelopen jaren best een aantal stappen in gezet. U bent daar ook over geïnformeerd. Het project wat we met Zorgbelang doen, waar we écht jongeren zelf zeggenschap en een stem geven, waar we niet over de hoofden van de jongeren heen praten, maar echt met hen in gesprek gaan. Ook een aantal keren, bijvoorbeeld bij ons die jeugd zijn geweest om vanuit hun ervaringen te vertellen en van daaruit gewoon concrete verbeteringen toe te passen in onze eigen organisatie is een van die voorbeelden. Dus ja, ik denk dat wij op die manier daaraan proberen te werken en als het gaat over JB Noord, dan is ook dat is ook de rechten van het kind en ook die zorgvuldigheid is wat mij betreft een leidend principe. En ik zou heel graag, nou, ik denk op een later moment ook met u als raad daarover verder praten, want wellicht zijn er ook nog andere dingen die we kunnen en moeten doen. Dus die handreiking doe ik graag. De vraag of wij als college ook aan de slag zijn met een alternatief in geval JB Noord het keurmerk verliest. Ja, we zijn met betrokken gemeenten op dit moment ook aan het verkennen wat het alternatief zou moeten zijn als het keurmerk niet afgegeven wordt. Vorige week is ook aangegeven dat het vinden van alternatieve plekken voor de jeugdigen ongelooflijk ingewikkeld is, ook als het gaat over andere gecertificeerde instellingen. Want ze kampen allemaal met wachtlijsten en allemaal met druk en ze hebben allemaal verschillende werkgebieden, maar daar zijn we wel mee aan het kijken, ook naar de financiering. Die stond ook onder druk. Daar hebben we afgelopen jaar echt een stevige plus opgezet. Maar goed, dat gaat niet van vandaag op morgen veranderen. Vorige week is ook aangegeven dat de rechtbanken, dat is als gemeente gaan we niet over de toeleiding naar de gecertificeerde instelling. Dat gaat echt via de rechtbanken, dus daar gaan we niet over, maar dat we nu in de praktijk ook zien dat de rechtbanken minder doorverwijzen naar JB Noord en meer naar de andere gecertificeerde instellingen. Nou en dat ze dus nu aan de slag zijn met korte termijn oplossingen en het onderzoek naar ook een reëel toekomstperspectief, dus daar komen we voor de zomer bij u op terug. En ja, je stelt tot slot nog twee vragen over recht doen en te onderzoeken naar het effect van ontoereikende zorg aan gezinnen. Ja, recht doen is, denk ik, ongelooflijk belangrijk. En dan laat ik dat vooropstellen en ik denk dat we echt alles proberen wat in ons vermogen ligt om die goede zorg te laten leveren. En ja, ik zou deze oproep eigenlijk willen doen als er in Assen jongeren zijn, gezinnen zijn die vinden dat ze geleden hebben onder een tekort aan zorg uitgevoerd door ons als gemeente of andere instellingen. Dan hoop ik echt dat ze zich melden. We hebben onafhankelijke cliëntondersteuning. We hebben via Zorgbelang het traject lopen, we hebben klachten- en bezwaarprocedures, maar ik ga ook heel regelmatig zelf met mensen in gesprek die negatieve ervaringen hebben gehad met jeugdzorg en we proberen dan ook gewoon met ons team te kijken waar er dan mogelijkheden liggen, waar de oplossingen zijn en soms kan dat en helpt dat, ja soms ook gewoon niet. Maar recht doen kan, denk ik, op verschillende manieren, hoeft niet altijd via een juridische weg. Het gaat altijd wel om gewoon gehoord worden en dat is wat ik altijd gewoon probeer te doen. Dus dat is die open uitnodiging. Dat is ook mijn ervaring de afgelopen jaren, maar ik zou ook heel graag gewoon verder met u in gesprek willen over dit onderwerp om te kijken of we daar nog andere dingen in zouden kunnen doen. Als collegevoorzitter is dit denk ik een wat uitgebreide beantwoording, maar gelet op het onderwerp en ook de veelheid aan vragen, leek mij dat gepast. Ja.
Dat zou ik ook in mijn conclusie gezegd hebben als Voorzitter. Dat was inderdaad redelijk aan. Ik hoop dat het goed te volgen was. Het is een heel serieus onderwerp, met best een aantal enorme ingewikkeldheden erbij. Ik vraag even aan mevrouw Van Brakel of het voldoende is voor dit moment. Mag wel even van die plek. Laten we de wethouder even daar staan.
Ja dank u wethouder voor de uitgebreide beantwoording, mijn complimenten aan het college. Met name meneer Broekema voor zijn inzet en betrokkenheid op deze zware portefeuille. Ik denk dat andere gemeenten een voorbeeld kunnen nemen aan de wijze waarop de wethouder benaderbaar is voor onze inwoners, waar hij de tijd neemt om met ze in gesprek te gaan en zijn empathische houding naar diegenen die het zo moeilijk hebben. Veel ouders die ik heb doorverwezen naar de wethouder gaven me aan dat het hun al goed deed om eindelijk eens gehoord en geloofd te worden en dat is wat mij betreft een mooie eerste stap. Ik wou nog even heel kort, want wethouder Broekema zei, het is wel moeilijk, hè? Om onrecht te doen aan onze inwoners? Ik wou toch nog even verwijzen naar de motie van de ChristenUnie met ogen open de nood, omdat de ChristenUnie de noodzaak ervoer om tot diepgaande reflectie op ons handelen als lokale overheid te komen en met als doel het gemeentebestuur in de breedte op te roepen om de ogen open te houden voor de mensen achter de regels en constant alert te blijven op de impact van ons handelen op de samenleving en de sessie start met dokter professor Vonk was natuurlijk echt, vond ik heel inspirerend en ik zou willen oproepen. Wellicht kan de gemeente een meldpunt openen zodat ouders weten waar ze terecht kunnen in plaats van allerlei verschillende loketten die misschien weer afleiden en dat was het, dank u voorzitter.
Of het meldpunt juist is, weet ik niet. Nogmaals, ik ga graag hierover met u verder in gesprek om te kijken naar wat mogelijk is en wat daarin verstandig is.
Dank u wel, dan houden we het hierbij voor dit moment en zijn we toe aan het agendapunt.