In een levendig debat heeft de gemeenteraad van Assen besloten om huiselijk geweld expliciet op te nemen in het Integraal Veiligheidsbeleid 2024-2028. Het voorstel, dat aanvankelijk niet in het veiligheidsplan was opgenomen, werd na een emotioneel pleidooi van de SP en andere partijen alsnog aangenomen.
Politiekverslaggever Rijk de Bat
In de raadsvergadering van afgelopen donderdagavond stond het Integraal Veiligheidsbeleid (IVB) 2024-2028 van de gemeente Assen centraal. Het beleid, dat elke vier jaar wordt vernieuwd, richt zich op vier prioriteiten: aanpak van ondermijning, digitale weerbaarheid, maatschappelijke onrust en radicalisering, en leefbare wijken. Het doel is om overlast en criminaliteit te verminderen en de gevolgen van incidenten te beperken.
De SP opende het debat met een krachtig betoog voor de toevoeging van huiselijk geweld als prioriteit in het veiligheidsbeleid. "De veiligheid van onze inwoners is voor de SP een prioriteit," benadrukte SP-raadslid Van Brakel. Ze wees op de schrijnende cijfers: "In Assen zou dat neerkomen op 345 kinderen die seksueel misbruikt worden en 2070 jongeren die slachtoffer zijn van huiselijk geweld."
De discussie over het amendement van de SP, gesteund door GroenLinks, Lijst De Rijke en D66, verdeelde de raad. Stadspartij Plop en de VVD uitten hun twijfels over de plek van huiselijk geweld in het veiligheidsbeleid. "We vragen ons af of huiselijk geweld op de voorgestelde manier een plek moet hebben in de nota integrale veiligheid," stelde Stadspartij Plop-raadslid Santing.
Burgemeester Marco Out erkende het belang van het onderwerp en stelde voor om het thema via een ander beleidskader te adresseren. "Het onderwerp is belangrijk en er is een tafel waaraan gewerkt wordt," aldus Out. Hij stelde voor om de aanpak van huiselijk geweld op te nemen in het uitvoeringsprogramma voor 2024.
Ondanks de toezegging van de burgemeester, hield de SP vast aan het amendement. "Huiselijk geweld is een veelkoppig monster en moet in het beleid geborgd worden," aldus Van Brakel. Uiteindelijk stemde een meerderheid van de raad in met het amendement, waardoor huiselijk geweld nu expliciet wordt genoemd in het veiligheidsbeleid.
De stemming over het amendement eindigde met 16 stemmen voor en 14 tegen. Voor stemden onder andere de fracties van de ChristenUnie, PvdA, GroenLinks, D66, SP, Lijst De Rijke en het CDA. Tegen stemden de fracties van het CDA, Stadspartij Plop, Assen Centraal en de VVD.
Met de aanpassing van het veiligheidsbeleid zet Assen een belangrijke stap in de strijd tegen huiselijk geweld. Het debat toonde aan dat de raad zich bewust is van de urgentie van het probleem en bereid is om concrete stappen te zetten om de veiligheid van alle inwoners te waarborgen.
Samenvatting van het voorstel
Het Integraal Veiligheidsbeleid 2024-2028 (IVB) van de gemeente Assen is opgesteld om de veiligheid voor inwoners, ondernemers en bezoekers te waarborgen en te verbeteren. Het beleid, dat elke vier jaar wordt vernieuwd, legt de nadruk op vier prioriteiten: aanpak van ondermijning, digitale weerbaarheid, maatschappelijke onrust en radicalisering, en leefbare wijken. Het laatste omvat de verbinding tussen zorg en veiligheid, jeugdveiligheid en straatintimidatie. Het IVB is tot stand gekomen in samenwerking met de gemeenteraad en veiligheidspartners en is budgetneutraal. Het beleid is in lijn met het Regionaal Beleidsplan Veiligheid Noord-Nederland 2023-2027, waardoor geen aparte zienswijze nodig is. Het doel is om overlast en criminaliteit te verminderen en de gevolgen van incidenten te beperken. Na vaststelling door de gemeenteraad zal het Veiligheidsplan 2024 worden goedgekeurd door de lokale driehoek. Het IVB besteedt ook aandacht aan specifieke doelgroepen zoals jongeren, ouderen, ondernemers en de LHBTQIA+ gemeenschap.
Documenten
-
-
-
-
-
-
-
Analyse van het document
Titel en Samenvatting:
Het voorstel betreft een amendement om huiselijk geweld, kindermishandeling en ex-partnergeweld op te nemen in het Integraal Veiligheidsbeleid 2024-2028 van de gemeente Assen. Het amendement benadrukt de noodzaak van een integrale aanpak van huiselijk geweld, met aandacht voor preventie, vroegsignalering en samenwerking met diverse partners zoals de GGZ, politie en jeugdzorg. Het doel is om huiselijk geweld bespreekbaar te maken, vroegtijdig te signaleren en adequaat te reageren, met een focus op bewustwording en preventie.
Oordeel over de volledigheid:
Het voorstel is redelijk volledig, maar mist specifieke details over de implementatie en monitoring van de voorgestelde maatregelen. Er is een duidelijke intentie om huiselijk geweld aan te pakken, maar concrete stappen en tijdlijnen ontbreken.
Rol van de raad:
De raad heeft de rol om het amendement te beoordelen, te bespreken en te besluiten of het wordt opgenomen in het Integraal Veiligheidsbeleid. De raad moet ook toezien op de uitvoering en effectiviteit van de voorgestelde maatregelen.
Politieke keuzes:
De raad moet beslissen of de aanpak van huiselijk geweld voldoende prioriteit krijgt binnen het veiligheidsbeleid en of de voorgestelde maatregelen effectief en haalbaar zijn. Er moet ook worden overwogen hoe middelen worden toegewezen en welke partners worden betrokken.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het mist meetbare doelen en tijdlijnen. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de effectiviteit van de maatregelen kan moeilijk worden beoordeeld zonder specifieke criteria.
Besluit van de raad:
De raad moet beslissen of het amendement wordt aangenomen en daarmee huiselijk geweld expliciet wordt opgenomen in het veiligheidsbeleid.
Participatie:
Het voorstel benadrukt samenwerking met diverse partners, maar er is weinig detail over hoe participatie van burgers en slachtoffers wordt bevorderd.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is niet direct een onderwerp in dit voorstel, maar de focus op preventie en langdurige veiligheid kan als een duurzame benadering worden gezien.
Financiële gevolgen:
Het voorstel vermeldt geen specifieke financiële gevolgen of hoe deze worden gedekt. Dit kan een punt van zorg zijn bij de implementatie van de maatregelen.